Het "plus" quiltpatroon: een simpel en modern ontwerp.
Stel je voor: je hebt een stapel stoffen, een naaimachine en zin om iets te maken dat er direct modern uitziet, maar waar je geen dagen over doet.
Het plus-patroon is precies dat. Het is een quilt die bestaat uit simpele vierkanten die samen een groot kruis – een ‘plus’ – vormen. Het is rustig, grafisch en enorm populair bij beginners omdat het niet ingewikkeld is, maar wel een big impact heeft. Je kunt er alle kanten mee op: van rustig en effen tot bont en speels met restjes stof.
Waarom het plus-patroon perfect is voor beginners
Als je net begint met quilten, wil je niet meteen worden overweldigd door ingewikkelde hoeken en minieme naadjes.
Het plus-patroon is je beste vriend omdat het draait om eenvoudige vierkante blokken. Je hoeft alleen maar rechte lijnen te naaien. Dat is alles. Dit maakt het niet alleen makkelijker, maar ook veel sneller. Je ziet in een mum van tijd je quilt groeien, wat supermotiverend werkt.
De snelheid van assemblage is een groot pluspunt. Omdat alle blokken vierkant zijn, kun je ze makkelijk stapelen en aan elkaar naaien zonder dat je telkens hoeft na te denken over de volgende stap.
Het is een heel logisch proces. Je kunt je focussen op het leukste deel: het kiezen van je stoffen en het zien ontstaan van je unieke ontwerp.
Een modern ontwerp met eenvoudige blokken
Dit quilt patroon is echt een klassieker voor beginners die een modern resultaat willen. Het geheim van de plus-quilt is de manier waarop de vierkanten worden gelegd. Je hebt een achtergrondkleur en een accentkleur.
Door de vierkanten op de juiste plek te leggen, ontstaat er een duidelijk kruis in het midden van je quilt. Omdat het ontwerp zo grafisch is, kun je met kleur enorm veel variatie aanbrengen. Een effen grijze achtergrond met felle plus-symbolen erop geeft meteen een heel andere sfeer dan een quilt die helemaal uit restjes stof is gemaakt.
Materialen en snijinstructies
Voor een standaard plus-quilt werk je het beste met vierkanten van 2,5, 4,5 of 8 inch. De 4,5 inch maat (na het snijden) is een populaire keuze voor een throw-size quilt. Je hebt dan vierkanten die na het naaien precies 4 inch groot zijn.
Voor de achtergrond en de plus zelf kies je het beste stoffen die niet te dik zijn, zoals 100% katoen van merken zoals Kona Cotton of Moda.
Deze stoffen zijn makkelijk te verwerken en strijken goed. Om de stof te snijden, heb je een snijmat, een liniaal en een rotary cutter nodig.
Zorg dat je scherpe mesjes hebt, dat scheelt enorm in precisie. Je snijdt eerst stroken van de breedte die je wilt (bijvoorbeeld 4,5 inch) en dan weer vierkanten uit die stroken. Een handige tip: leg je stof dubbel met de verkeerde kant naar boven, dan snijd je in één keer twee lagen.
Zo ben je sneller klaar. Voor een gemiddelde throw-quilt van 160x190 cm heb je ongeveer 20 fat quarters nodig, of een combinatie van een paar meter achtergrondstof en een stuk of 15 verschillende prints.
Assemblage van je plus-quilt
De lay-out is het leukste onderdeel. Leg al je vierkanten op de grond of op een quilt-latten.
Je bouwt je quilt op in rijen. Voor een plus-patroon is het handig om te beginnen met een rij achtergrondkleur, dan een rij met de plus-vorm, enzovoort. Speel met de volgorde van de prints in de plus. Wil je liever een chevron of zigzag quiltpatroon maken?
“De mooiste quilts ontstaan vaak door gewoon te beginnen en onderweg te beslissen.”
Zolang je de vierkanten op de juiste plek legt, ontstaat het patroon vanzelf. Neem hier even de tijd voor, het maakt je quilt echt af.
Naai de blokken in paren aan elkaar. Werk rij voor rij.
Stappenplan voor het naaien
- Naai alle vierkanten in paren: links naaien, rechts naaien.
- Naai de paren tot complete rijen.
- Strijk elke naad naar één kant (bijvoorbeeld naar rechts).
- Naai de rijen aan elkaar. Wissel de richting van de naden af voor een strakker resultaat.
- Knip losse draadjes weg en strijk de hele top glad.
Als je alle paren hebt genaaid, naai je die ook weer aan elkaar. Dit is makkelijker dan meteen de hele rij te naaien, want je houdt de controle over je naden. Strijk elke naad na het naaien naar één kant.
Dit helpt later bij het ‘nesten’ van de naden, waardoor je quilt platter en strakker wordt. Gebruik een steeklengte van 2,5 mm voor een sterke en nette naad.
Als je top klaar is, leg je er een laag tussenvulling (batting) en een achterkantstof onder. Je kunt de quilt vastspelden of met basting spray fixeren. Quilten kan met de hand of met de machine.
Voor beginners is machinaal quilten in een simpel rechthoekig of ruitpatroon het makkelijkst.
Probeer ook eens de herringbone techniek voor een dynamische quilt; je hoeft niet perfect te zijn; een beetje ‘wobble’ geeft karakter.
Veelgestelde vragen over de plus-quilt
Hoe groot is een plus-quilt? Dat hangt af van de grootte van je vierkanten.
Voor een standaard throw-size quilt (om lekker onder te kruipen op de bank) ben je ongeveer 160x190 cm kwijt. Gebruik je 4,5 inch blokken, dan kom je uit op een quilt van ongeveer 12 blokken breed en 14 blokken hoog. Wil je een kleiner quiltje voor op een kinderbed?
Kies dan voor 2,5 inch blokken. Is een plus-quilt geschikt voor restjes? Absoluut!
Het is een uitstekend patroon om restjes stof van verschillende prints te verwerken. Je kunt de plus zelf uit allerlei fleurige lapjes maken en de achtergrond effen houden. Zo ontstaat er een speelse quilt die toch rustig oogt. Wil je eens experimenteren met een moderne quilt met pixel techniek?
Dit is een perfect project voor die ene la met stalen die je nog hebt liggen. Moet ik de naden openstrijken?
Het strijken van naden naar één kant helpt bij het ‘nesten’ van de naden voor een strakker resultaat. Als je de naden openstrijkt, heb je een risico op doorzichtige plekken in je quilt. Naar één kant strijken is de standaardmethode voor beginners.
Gebruik een strijkijzer met stoom en een goede strijkplank. Kan ik dit patroon met een naaimachine maken?
Ja, het is een zeer machine-vriendelijk patroon. Je kunt de hele quilt met een gewone naaimachine maken. Gebruik een quiltvoetje en een goede naald (maat 80/12).
Als je wilt, kun je ook met de hand quilten, maar voor je eerste quilt is de machine vaak sneller en makkelijker. Hoeveel stof heb ik nodig?
Voor een gemiddelde throw-quilt (160x190 cm) met 4,5 inch blokken heb je ongeveer 20 fat quarters nodig voor de plus, plus ongeveer 2,5 meter achtergrondstof. Een fat quarter is ongeveer 50x55 cm.
Extra tips voor een geslaagde plus-quilt
- Was je stoffen voor het snijden. Dit voorkrimpt en voorkomt dat je quilt na het wassen kromtrekt.
- Gebruik een goede kwaliteit garen. Een goedkoop garen kan breken tijdens het quilten.
- Knip je draadjes kort na het naaien. Zo voorkom je dat ze door de quilt heen komen.
- Laat je niet opjagen. Quilten is een hobby, geniet van het proces.
- Experimenteer met kleur. Een plus-quilt kan er compleet anders uitzien met een andere kleurcombinatie.
Reken ongeveer €3-€5 per fat quarter, afhankelijk van het merk. Achtergrondstof van kwaliteit kost ongeveer €15-€20 per meter. Tussenvulling en achterkantstof kosten ongeveer €15-€25 per meter.
Een complete quilt kost dus ongeveer €80-€150, afhankelijk van je stofkeuze. Met dit patroon heb je een quilt die niet alleen mooi is, maar ook een verhaal vertelt.
Het verhaal van jouw stoffen, jouw keuzes en jouw tijd. Dus pak je stof, snijd je vierkanten en begin. Je zult versteld staan hoe snel je een prachtige quilt op tafel hebt liggen.
