Sashiko: de Japanse kunst van het decoratief borduren en verstellen.

Portret van Marlies Mansveld, docent patchwork en quilten voor beginners
Marlies Mansveld
Gepassioneerd patchwork- en quiltdocent
Handquilten en Sashiko · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je hebt een lievelingsjeans met een gat op de knie.

Je kunt hem weggooien, of je kunt er iets heel moois van maken. Sashiko is precies dat. Het is de Japanse manier van borduren en verstellen die een simpel gat transformeert in een prachtig, sterk en uniek detail.

Het is rustgevend, eenvoudig te leren en een feestje voor je kleding en je interieur. Het draait allemaal om die ene, simpele steek. En jij kunt het ook.

De oorsprong van Sashiko

Wist je dat Sashiko (uitgesproken als 'sash-ee-ko') ooit begon als een manier om warmte te creëren? Boeren in Japan hergebruikten oude stukjes stof en naaiden deze met dikke katoenen draad op elkaar.

Die ontelbare steekjes zorgden voor een extra laagje isolatie. Het was pure noodzaak, maar het werd al snel een prachtige traditie.

De naam betekent letterlijk 'kleine steekjes', en dat is precies wat het is: een oneindige herhaling van eenvoudige steekjes die samen een krachtig patroon vormen. De basis van Sashiko is functioneel. De rijgsteek werd gebruikt om stof te versterken op plekken die snel sleten, zoals knieën, ellebogen en naden.

Tegelijkertijd zorgde het voor een extra laagje warmte, perfect voor de koude Japanse winters. Zo ontstond er een naaitechniek die net zo praktisch was als mooi. Elke steek was een belofte: dit kledingstuk mag nog langer mee.

Sashiko technieken voor beginners

Je hebt geen enorm arsenaal aan spullen nodig om te beginnen. Sashiko is juist zo fijn omdat het simpel is.

De basis is een rustige stof, een speciale naald en een mooie draad. Traditioneel zie je het witte garen op indigo-blauwe stof, maar je kunt ook gewoon een donkere stof met licht garen gebruiken. Het contrast is hetgeen wat het patroon tot leven brengt.

Kies voor een stevig katoentje of linnen, dat houdt de steekjes mooi op hun plek. De naald is een beetje anders dan je misschien gewend bent.

Een Sashiko-naald heeft een klein oogje en is lang en smal. Dit zorgt ervoor dat je meerdere steekjes achter elkaar kunt rijgen voordat je de draad weer hoeft aan te draaien.

Zo werk je heerlijk door. De meest bekende steek is de 'running stitch'. Je rijgt simpelweg vooruit en weer terug. Het leuke is dat de onderkant van je werk er bijna net zo mooi uitziet als de bovenkant! Probeer bijvoorbeeld het 'Kogushi' patroon, een simpel ruitjespatroon dat je makkelijk op een oude theedoek kunt maken.

Veelgestelde vragen over Sashiko

Als je net begint met patchwork en quilten, komen er altijd vragen op. Sashiko lijkt misschien op quilten, maar het is net even anders. Hieronder vind je de antwoorden op de vragen die beginners vaak stellen.

Quilten draait vaak om drie lagen: een bovenstof, een tussenvulling (batting) en een onderstof.

Wat is het verschil tussen Sashiko en quilten?

Je stikt deze lagen aan elkaar om een deken of quilt te maken. Sashiko borduurt meestal op één enkele laag stof.

Het doel is niet om lagen te verbinden, maar om de stof te versterken en te decoreren. Het is dus een specifieke borduurtechniek met een eigen doel en uitstraling. Traditioneel wordt er geborduurd op donkere stoffen, zoals indigo-katoen of donkerblauw linnen.

Welke stof is het beste voor Sashiko?

Dit komt omdat het witte garendan mooi afsteekt. Voor beginners is een stevige katoen met een lage tot medium dichtheid ideaal.

Denk aan stoffen van merken als Kona Cotton of een stugge quilting cotton. Een stof die te rekbaar is, geeft een vertekend beeld. Linnen is ook prachtig, maar heeft een losse structuur waardoor je de steekjes goed moet volgen. Nee, het hoeft echt niet.

Heb ik een borduurring nodig voor Sashiko?

Veel puristen werken los, zonder ring. Ze houden de stof gewoon in hun hand.

Dit geeft een heel ontspannen gevoel. Als beginner kan een borduurring wel handig zijn.

Is Sashiko moeilijk te leren?

Het houdt de stof strak en stabiel, wat helpt om mooie, gelijke steekjes te maken. Probeer beide manieren uit en kijk wat voor jou het fijnst werkt. Zeker niet! Sashiko is een van de toegankelijkste borduurtechnieken.

De basis is een simpele rijgsteek. Als je eenmaal de slag te pakken hebt met de juiste naald en draad, is het vooral een kwestie van oefenen en genieten van het ritme. Je ziet snel resultaat, wat supermotiverend is.

Kan ik Sashiko gebruiken voor reparaties?

Binnen een paar uurtjes heb je je eerste lapje stof vol. Jazeker, dit is de allerleukste toepassing!

Probeer eens Sashiko op spijkerstof om slijtageplekken te repareren. Een gat in je jeans, een uitgedunde elleboog van je lievelingstrui, of een gescheurde zak.

Je kunt met de Boro techniek kleding repareren door het gat dicht te naaien met een mooi Sashiko-patroon, of je naait een extra lapje stof eroverheen. Zo wordt een reparatie niet iets om te verbergen, maar een pronkstuk.

Praktische tips om te starten met Sashiko

Ben je enthousiast geworden? Hier zijn een paar concrete tips om direct te beginnen.

Je hoeft echt geen dure spullen te kopen; met een paar euro ben je al klaar. De geschiedenis van Sashiko: van functioneel naar decoratief is zoveel meer dan alleen een naald en draad. Het is een manier om bewust om te gaan met je spullen. Het is een eerbetoon aan een kledingstuk door het te repareren en mooier te maken dan het was.

  • Start met een eenvoudig patroon: Probeer niet meteen een ingewikkeld patroon. Begin met een simpel ruitje (Kogushi) of een serie parallelle lijnen. Dit helpt je om je steekjes gelijkmatig te maken.
  • Gebruik de juiste naald: Koop een setje Sashiko-needles (bijvoorbeeld van Clover). Ze zijn een paar euro per stuk en maken een wereld van verschil. Ze glijden makkelijker door de stof.
  • Kies je garen zorgvuldig: Traditioneel Sashiko-garen is iets dikker en sterker dan normaal borduurgaren. Merken como Sublime Stitching of DMC hebben speciale Sashiko-draden. Een garen van 100% katoen werkt het beste.
  • Patroon overnemen: Je kunt Sashiko-patronen online vinden en uitprinten. Leg een doorzichtig papier (tracing paper) over het patroon en zet het vast met tape op je stof. Prik met een naald gaatjes langs de lijnen. Zo kun je het patroon overnemen met potlood of een speciale transferpen.
  • Span de stof: Of je nu een ring gebruikt of niet, zorg dat de stof gespannen is terwijl je werkt. Dit voorkomt dat je stof kreukt en zorgt voor strakke steken.
  • Werk met meerdere draadlengtes: Je kunt met een lange draad werken. Rijg eerst een heleboel steekjes op de naald, en trek de draad dan door. Dit bespaart tijd en draaien. Een typische draadlengte is ongeveer 40-50 cm.
  • Maak het af met een knoop: Aan het einde van je draad maak je een klein, stevig knoopje. Dit mag aan de achterkant gezien worden; het hoort bij de charme van het handwerk.

Dus pak die oude spijkerbroek, een theedoek of een lapje stof en begin gewoon.

Elke steek is een stapje dichter bij een mooier, duurzamer en unieker resultaat. Veel plezier!

Portret van Marlies Mansveld, docent patchwork en quilten voor beginners
Over Marlies Mansveld

Marlies Mansveld deelt haar liefde voor patchwork en quilten met beginners.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Handquilten en Sashiko
Ga naar overzicht →